10 - Zwroty, reklamacje oraz gwarancje

 0    80 Datenblatt    bartoszkowalewski90
mp3 downloaden Drucken spielen überprüfen
 
Frage Antworten
Ik wil dit graag ___.
Chciałbym to zwrócić.
Lernen beginnen
Ik wil dit graag retourneren.
Natuurlijk, heeft u de bon nog? | Mag ik vragen waarom u het wilt retourneren?
retourneren
Kan ik dit nog ___?
Czy mogę to jeszcze oddać do sklepu?
Lernen beginnen
Kan ik dit nog terugbrengen?
Ja hoor, wanneer heeft u het gekocht? | Nee, dit artikel kunnen we helaas niet meer terugnemen.
terugbrengen
Ik heb het vorige week ___.
Kupiłem to w zeszłym tygodniu.
Lernen beginnen
Ik heb het vorige week gekocht.
Heeft u de bon nog? | Weet u nog op welke dag?
gekocht
Dit artikel is helaas ___.
Ten produkt jest niestety uszkodzony.
Lernen beginnen
Dit artikel is helaas beschadigd.
Wat vervelend, mag ik het even zien? | Heeft u misschien foto's van de schade?
beschadigd
Het werkt niet naar ___.
To nie działa tak, jak powinno.
Lernen beginnen
Het werkt niet naar behoren.
Dat hoort natuurlijk niet. | Kunt u laten zien wat er misgaat?
behoren
Het ging al na één dag ___.
Zepsuło się już po jednym dniu.
Lernen beginnen
Het ging al na één dag kapot.
Wat vervelend, we kijken even mee. | Kunt u uitleggen wat er gebeurde?
kapot
Het voldoet niet aan mijn ___.
Nie spełnia moich oczekiwań.
Lernen beginnen
Het voldoet niet aan mijn verwachtingen.
Wat had u ervan verwacht? | Zal ik u een ander model laten zien?
verwachtingen
Ik heb me in de maat ___.
Pomyliłem się co do rozmiaru.
Lernen beginnen
Ik heb me in de maat vergist.
Dat kan gebeuren, welke maat zoekt u? | Heeft u het label er nog aan?
vergist
Ik wil het liever ___.
Wolałbym to wymienić.
Lernen beginnen
Ik wil het liever ruilen.
Natuurlijk, wat zoekt u precies? | Ik kijk even of we nog een ander model hebben.
ruilen
Ik wil graag mijn geld ___.
Chciałbym odzyskać pieniądze.
Lernen beginnen
Ik wil graag mijn geld terug.
Ik kijk even wat mogelijk is. | Heeft u met pin betaald?
terug
Ik heb de verpakking al ___.
Otworzyłem już opakowanie.
Lernen beginnen
Ik heb de verpakking al geopend.
Dat hoeft geen probleem te zijn. | Ik kijk even wat de voorwaarden zijn.
geopend
Kan het ook zonder originele ___?
Czy można to oddać bez oryginalnego opakowania?
Lernen beginnen
Kan het ook zonder originele verpakking?
Ja, dat kan als het artikel compleet is. | Nee, bij dit artikel hebben we de verpakking nodig.
verpakking
Is het artikel nog ___?
Czy produkt jest nadal nieużywany?
Lernen beginnen
Is het artikel nog ongebruikt?
Ja, ik heb het alleen bekeken. | Nee, ik heb het kort geprobeerd.
ongebruikt
Heeft u de kaartjes er nog ___?
Czy metki są jeszcze przymocowane?
Lernen beginnen
Heeft u de kaartjes er nog aan?
Ja, ze zitten er nog aan. | Nee, die heb ik eraf gehaald.
aan
Kan ik dit voor een andere kleur ___?
Czy mogę wymienić to na inny kolor?
Lernen beginnen
Kan ik dit voor een andere kleur omruilen?
Ja hoor, welke kleur wilt u? | Nee, de andere kleuren zijn helaas uitverkocht.
omruilen
Heeft u deze ook een maat ___?
Czy mają państwo to również w większym rozmiarze?
Lernen beginnen
Heeft u deze ook een maat groter?
Ja, ik pak een maat groter. | Nee, die maat is helaas uitverkocht.
groter
Deze maat is me te ___.
Ten rozmiar jest dla mnie za duży.
Lernen beginnen
Deze maat is me te groot.
Zal ik een kleinere maat pakken? | We hebben helaas geen kleinere maat meer.
groot
Dit valt een beetje te ___.
To wypada trochę za małe.
Lernen beginnen
Dit valt een beetje te klein.
Probeert u gerust een maat groter. | Dit model valt inderdaad wat klein.
klein
Dit zit me net iets te ___.
To jest dla mnie odrobinę za ciasne.
Lernen beginnen
Dit zit me net iets te strak.
Dan kunt u beter een maat groter passen. | Dit model zit wat strakker dan normaal.
strak
De rits gaat niet goed ___.
Zamek błyskawiczny nie zamyka się prawidłowo.
Lernen beginnen
De rits gaat niet goed dicht.
Mag ik even kijken? | Misschien is de rits beschadigd.
dicht
Er zit een ___ in de stof.
W materiale jest rozdarcie.
Lernen beginnen
Er zit een scheur in de stof.
Dat is vervelend, waar zit de scheur? | Heeft u dat meteen na aankoop gezien?
scheur
De zool laat nu al ___.
Podeszwa już się odkleja.
Lernen beginnen
De zool laat nu al los.
Dat hoort niet zo snel te gebeuren. | Kunt u laten zien waar hij loslaat?
los
Ik heb per ongeluk het verkeerde model ___.
Przez pomyłkę wziąłem niewłaściwy model.
Lernen beginnen
Ik heb per ongeluk het verkeerde model meegenomen.
Welk model wilde u eigenlijk? | Heeft u het andere model al gezien?
meegenomen
Moet ik het verschil ___?
Czy muszę dopłacić różnicę?
Lernen beginnen
Moet ik het verschil bijbetalen?
Ja, dit model is iets duurder. | Nee, beide modellen kosten hetzelfde.
bijbetalen
Krijg ik het prijsverschil ___?
Czy otrzymam zwrot różnicy w cenie?
Lernen beginnen
Krijg ik het prijsverschil terug?
Ja, dat betalen we terug. | Nee, u krijgt daarvoor een tegoedbon.
terug
Is deze actie nog ___?
Czy ta promocja jest jeszcze ważna?
Lernen beginnen
Is deze actie nog geldig?
Ja, tot en met zondag. | Nee, die is gisteren afgelopen.
geldig
Heeft u de ___ nog?
Czy ma pan jeszcze paragon?
Lernen beginnen
Heeft u de bon nog?
Ja, hier is hij. | Nee, ik ben hem kwijt.
bon
Ik ben de kassabon ___.
Zgubiłem paragon.
Lernen beginnen
Ik ben de kassabon kwijt.
Heeft u misschien een digitaal aankoopbewijs? | Dan kijken we of we de aankoop kunnen terugvinden.
kwijt
Ik heb alleen een digitale ___.
Mam tylko fakturę elektroniczną.
Lernen beginnen
Ik heb alleen een digitale factuur.
Prima, mag ik die even zien? | Kunt u die naar ons mailen?
factuur
Kan ik de aankoop met mijn bankafschrift ___?
Czy mogę potwierdzić zakup wyciągiem bankowym?
Lernen beginnen
Kan ik de aankoop met mijn bankafschrift aantonen?
Ja, laat het maar even zien. | Nee, daarvoor hebben we een aankoopbewijs nodig.
aantonen
Staat de aankoop in uw ___?
Czy zakup widnieje w państwa systemie?
Lernen beginnen
Staat de aankoop in uw systeem?
Ja, ik heb hem gevonden. | Nee, ik kan hem niet terugvinden.
systeem
Op welke datum heeft u het ___?
Którego dnia pan to kupił?
Lernen beginnen
Op welke datum heeft u het gekocht?
Vorige week donderdag. | Dat weet ik niet precies meer.
gekocht
Ik weet de precieze datum niet ___.
Nie pamiętam już dokładnej daty.
Lernen beginnen
Ik weet de precieze datum niet meer.
Dat geeft niet, heeft u een bestelnummer? | Kunt u ongeveer aangeven wanneer het was?
meer
Ik heb het online ___.
Zamówiłem to przez internet.
Lernen beginnen
Ik heb het online besteld.
Dan zoeken we de bestelling even op. | Heeft u de bevestigingsmail nog?
besteld
Heeft u een ___?
Czy ma pan numer zamówienia?
Lernen beginnen
Heeft u een bestelnummer?
Ja, ik heb het hier. | Nee, dat kan ik niet vinden.
bestelnummer
Ik zoek de bevestiging even ___.
Poszukam teraz potwierdzenia.
Lernen beginnen
Ik zoek de bevestiging even op.
Prima, neem gerust de tijd. | U kunt hem eventueel ook mailen.
op
Zit er nog ___ op?
Czy produkt jest jeszcze na gwarancji?
Lernen beginnen
Zit er nog garantie op?
Ja, de garantie loopt nog. | Nee, de garantie is inmiddels verlopen.
garantie
Hoe lang geldt de ___?
Jak długo obowiązuje gwarancja?
Lernen beginnen
Hoe lang geldt de garantie?
Dat hangt af van het product. | Ik zoek de voorwaarden even voor u op.
garantie
Het apparaat laadt niet meer ___.
Urządzenie już się nie ładuje.
Lernen beginnen
Het apparaat laadt niet meer op.
Heeft u een andere kabel geprobeerd? | Dan kijken we of de aansluiting defect is.
op
Het scherm blijft helemaal ___.
Ekran pozostaje całkowicie czarny.
Lernen beginnen
Het scherm blijft helemaal zwart.
Gebeurt dat ook na het opnieuw opstarten? | Ik kan het even testen.
zwart
Het apparaat gaat steeds vanzelf ___.
Urządzenie ciągle samo się wyłącza.
Lernen beginnen
Het apparaat gaat steeds vanzelf uit.
Dan is er mogelijk iets mis met de accu. | Gebeurt dat ook tijdens het opladen?
uit
Het maakt een vreemd ___.
Wydaje dziwny dźwięk.
Lernen beginnen
Het maakt een vreemd geluid.
Kunt u het geluid beschrijven? | Kunt u er misschien een filmpje van maken?
geluid
Het is niet gevallen of ___ geworden.
Nie spadło ani nie zostało zalane.
Lernen beginnen
Het is niet gevallen of nat geworden.
Goed om te weten. | Is het probleem ineens begonnen?
nat
Het probleem doet zich steeds weer ___.
Problem ciągle się powtarza.
Lernen beginnen
Het probleem doet zich steeds weer voor.
Hoe vaak gebeurt dat? | Kunt u laten zien wanneer het misgaat?
voor
Kunt u er even naar ___?
Czy może pan na to zerknąć?
Lernen beginnen
Kunt u er even naar kijken?
Ja hoor, laat maar zien. | Ik ben nu even bezig, kan het straks?
kijken
Kan het worden ___?
Czy można to naprawić?
Lernen beginnen
Kan het worden gerepareerd?
Ja, we kunnen het laten repareren. | Nee, het benodigde onderdeel is niet meer verkrijgbaar.
gerepareerd
Hoe lang duurt de ___?
Jak długo potrwa naprawa?
Lernen beginnen
Hoe lang duurt de reparatie?
Meestal een paar werkdagen. | Dat is nog niet bekend.
reparatie
Krijg ik een vervangend ___?
Czy dostanę urządzenie zastępcze?
Lernen beginnen
Krijg ik een vervangend apparaat?
Ja, we hebben een leenapparaat. | Nee, we hebben momenteel geen leenapparaten.
apparaat
Vallen de kosten onder de ___?
Czy koszty są objęte gwarancją?
Lernen beginnen
Vallen de kosten onder de garantie?
Ja, deze reparatie valt onder de garantie. | Nee, deze schade valt buiten de garantie.
garantie
Kan ik het hier ___?
Czy mogę to tutaj zostawić?
Lernen beginnen
Kan ik het hier achterlaten?
Ja, ik maak een ontvangstbewijs. | Nee, u moet het naar het servicepunt brengen.
achterlaten
Wanneer hoor ik hier meer ___?
Kiedy otrzymam więcej informacji na ten temat?
Lernen beginnen
Wanneer hoor ik hier meer over?
We nemen deze week contact op. | Ik kan nog geen datum noemen.
over
Kunt u me op de hoogte ___?
Czy może mnie pan informować na bieżąco?
Lernen beginnen
Kunt u me op de hoogte houden?
Ja, we sturen u een update. | Nee, wij versturen geen updates, maar u kunt de status online volgen.
houden
Ik heb dit probleem al eerder ___.
Zgłaszałem już wcześniej ten problem.
Lernen beginnen
Ik heb dit probleem al eerder gemeld.
Ik zie de vorige melding staan. | Kunt u vertellen wat er toen is gebeurd?
gemeld
Mijn pakket is nog niet ___.
Moja paczka jeszcze nie dotarła.
Lernen beginnen
Mijn pakket is nog niet aangekomen.
Wat vervelend, mag ik uw bestelnummer? | We kijken even naar de bezorgstatus.
aangekomen
Volgens de app is het pakket al ___.
Według aplikacji paczka została już dostarczona.
Lernen beginnen
Volgens de app is het pakket al bezorgd.
Heeft u bij de buren gekeken? | Dan nemen we contact op met de bezorger.
bezorgd
Er ontbreekt iets in de ___.
Czegoś brakuje w pudełku.
Lernen beginnen
Er ontbreekt iets in de doos.
Welk artikel ontbreekt er? | We controleren wat er is ingepakt.
doos
Ik heb het verkeerde artikel ___.
Otrzymałem niewłaściwy produkt.
Lernen beginnen
Ik heb het verkeerde artikel ontvangen.
Dat lossen we graag op. | Kunt u een foto sturen?
ontvangen
De bestelling is niet compleet ___.
Zamówienie nie zostało dostarczone w całości.
Lernen beginnen
De bestelling is niet compleet geleverd.
Welk onderdeel ontbreekt? | Misschien komt er nog een tweede pakket.
geleverd
Ik wil mijn bestelling graag ___.
Chciałbym anulować zamówienie.
Lernen beginnen
Ik wil mijn bestelling graag annuleren.
Ik kijk of dat nog mogelijk is. | De bestelling is misschien al verzonden.
annuleren
Hoe meld ik een retour ___?
Jak zgłosić zwrot?
Lernen beginnen
Hoe meld ik een retour aan?
Dat kan via uw account. | Ik stuur u de retourinstructies.
aan
Moet ik het retourlabel zelf ___?
Czy muszę sam wydrukować etykietę zwrotną?
Lernen beginnen
Moet ik het retourlabel zelf printen?
Ja, u krijgt die per mail. | Nee, een QR-code is voldoende.
printen
Mag ik het pakket hier ___?
Czy mogę zostawić tutaj paczkę?
Lernen beginnen
Mag ik het pakket hier afgeven?
Ja, bij de balie. | Nee, dit is geen afgiftepunt.
afgeven
Waar kan ik het pakket ___?
Gdzie mogę nadać / oddać paczkę?
Lernen beginnen
Waar kan ik het pakket inleveren?
Bij een pakketpunt in de buurt. | U kunt ook een ophaalafspraak maken.
inleveren
Zijn de retourkosten voor mijn eigen ___?
Czy koszt zwrotu pokrywam sam?
Lernen beginnen
Zijn de retourkosten voor mijn eigen rekening?
Ja, de verzendkosten zijn voor uw rekening. | Nee, retourneren is bij deze bestelling gratis.
rekening
Hoe lang heb ik om dit terug te ___?
Ile mam czasu, żeby to odesłać?
Lernen beginnen
Hoe lang heb ik om dit terug te sturen?
Dat staat bij de retourvoorwaarden. | Ik zoek de uiterste datum even op.
sturen
Ik heb nog geen retourbevestiging ___.
Nie otrzymałem jeszcze potwierdzenia zwrotu.
Lernen beginnen
Ik heb nog geen retourbevestiging ontvangen.
Controleer ook uw spammap. | Ik kijk of uw retour is geregistreerd.
ontvangen
Wanneer wordt het bedrag ___?
Kiedy pieniądze zostaną zwrócone na konto?
Lernen beginnen
Wanneer wordt het bedrag teruggestort?
Zodra de retour is verwerkt. | Ik kan nog geen exacte datum noemen.
teruggestort
Kan het geld terug op mijn ___?
Czy pieniądze mogą wrócić na moje konto?
Lernen beginnen
Kan het geld terug op mijn rekening?
Ja, dat kan via de oorspronkelijke betaalmethode. | Nee, we betalen alleen terug op de oorspronkelijke betaalkaart.
rekening
Kan ik het geld ___ terugkrijgen?
Czy mogę otrzymać zwrot w gotówce?
Lernen beginnen
Kan ik het geld contant terugkrijgen?
Ja, dat kan hier. | Nee, we betalen terug via de oorspronkelijke betaalmethode.
contant
Kan ik ook een tegoedbon ___?
Czy mogę zamiast tego dostać bon do wykorzystania w sklepie?
Lernen beginnen
Kan ik ook een tegoedbon krijgen?
Ja, dat kan. | Nee, we geven geen tegoedbonnen uit.
krijgen
Op mijn rekening is nog niets ___.
Na moje konto nic jeszcze nie wpłynęło.
Lernen beginnen
Op mijn rekening is nog niets bijgeschreven.
Ik zoek de terugbetaling even op. | Het kan nog een paar werkdagen duren.
bijgeschreven
Het bedrag is twee keer ___.
Kwota została pobrana dwa razy.
Lernen beginnen
Het bedrag is twee keer afgeschreven.
Dat hoort niet, ik kijk het na. | Heeft u beide afschrijvingen bij de hand?
afgeschreven
Is de terugbetaling al ___?
Czy zwrot pieniędzy został już przetworzony?
Lernen beginnen
Is de terugbetaling al verwerkt?
Ja, die is gisteren verwerkt. | Nee, we wachten nog op de controle.
verwerkt
Kunt u het bedrag even ___?
Czy może pan sprawdzić tę kwotę?
Lernen beginnen
Kunt u het bedrag even controleren?
Ja hoor, ik kijk het na. | Nee, daarvoor heb ik eerst uw kassabon nodig.
controleren
Ik krijg het verschil nog van u ___.
Powinienem jeszcze otrzymać od państwa zwrot różnicy.
Lernen beginnen
Ik krijg het verschil nog van u terug.
Dat klopt, ik regel het. | Ik kijk even of het bedrag al is verrekend.
terug
Ik wil graag een klacht ___.
Chciałbym złożyć reklamację / skargę.
Lernen beginnen
Ik wil graag een klacht indienen.
Natuurlijk, wat is er gebeurd? | U kunt de klacht ook online indienen.
indienen
Met wie kan ik hierover ___?
Z kim mogę o tym porozmawiać?
Lernen beginnen
Met wie kan ik hierover spreken?
U kunt met mijn collega spreken. | Ik kijk of de leidinggevende beschikbaar is.
spreken
Ik vind deze oplossing niet ___.
Nie uważam tego rozwiązania za rozsądne / uczciwe.
Lernen beginnen
Ik vind deze oplossing niet redelijk.
Ik begrijp uw bezwaar. | Wat zou voor u een betere oplossing zijn?
redelijk
Kunt u een andere oplossing ___?
Czy może pan zaproponować inne rozwiązanie?
Lernen beginnen
Kunt u een andere oplossing voorstellen?
Ja, we kunnen een vervangend artikel aanbieden. | Nee, dit is helaas de enige oplossing die we kunnen bieden.
voorstellen
Ik hoor graag wanneer dit wordt ___.
Chciałbym wiedzieć, kiedy zostanie to rozwiązane.
Lernen beginnen
Ik hoor graag wanneer dit wordt opgelost.
We laten het u weten. | Op dit moment hebben we nog geen datum.
opgelost

Sie müssen eingeloggt sein, um einen Kommentar zu schreiben.