taak4 thema 14

 0    28 Datenblatt    nhhghbv
mp3 downloaden Drucken spielen überprüfen
 
Frage Antworten
Aardig (bijvoeglijk + bijwoord): hij is een aardige man, het was aardig druk in de stad
Lernen beginnen
لطيف (صفة + ظرف): إنه رجل لطيف، كانت المدينة مزدحمة للغاية
De baard: hij laat zijn baard groeien
Lernen beginnen
اللحية: يترك لحيته تنمو
Blond (bijvoeglijk): de man met de blonde baard is aardig
Lernen beginnen
أشقر (صفة): الرجل ذو اللحية الشقراء لطيف
Bruin (bijvoeglijk): de beer is bruin
Lernen beginnen
بني (صفة): الدب بني اللون
eigenwijs (bijvoeglijk): het kind blijft eigenwijs doen
Lernen beginnen
عنيد (صفة): يستمر الطفل في التصرف بعناد.
gecondoleerd: gecondoleerd met je verlies, gecondoleerd met het overlijden van je opa, ik wens je veel sterkte in deze moeilijke tijd
Lernen beginnen
أتقدم بأحر التعازي لفقيدكم، وأعزيكم بوفاة جدكم، وأتمنى لكم الصبر والسلوان في هذا الوقت العصيب.
De grap: hij maakt een grap, dat was maar een grap om iedereen aan het lachen te maken
Lernen beginnen
المزحة: إنه يمزح، كانت مجرد مزحة لإضحاك الجميع
Grappig (bijvoeglijk): hij is erg grappig
Lernen beginnen
مضحك (صفة): إنه مضحك جداً
De herinnering (aan): die dag blijf een speciale hernnering, de herinnering aan mijn vader maakt me verdrietig
Lernen beginnen
الذكرى: ذلك اليوم يبقى ذكرى مميزة، وذكرى والدي تحزنني.
Herkennen (werkwoord): ik herken jouw stem, ik herken hem
Lernen beginnen
أتعرف (فعل): أتعرف على صوتك، أتعرف عليه بعد ان رايته
de huid: hij heeft een donkere huid, mijn huid is gevoeling
Lernen beginnen
البشرة: بشرته داكنة، وبشرتي حساسة.
Het karakter: hij heeft een sterk karakter, haar karakter is vriendelijk en rustig, het karakter van het kind ontwikkelt zich langzaamg
Lernen beginnen
الشخصية: يتمتع بشخصية قوية، وشخصيتها ودودة وهادئة، أما شخصية الطفل فتتطور ببطء.
het karakte en het personage
Lernen beginnen
الشخصية الداخلية والشخصية في فيلم
De krul: zij heeft mooie krullen, die krul in zijn haar ziet er leuk uit, mijn heeft een natuurlijke krul
Lernen beginnen
التجعيدة: لديها تجعيدات جميلة، وتلك التجعيدة في شعره تبدو جميلة، أما شعري فله تجعيدات طبيعية.
De lengte: wat is de lengte van de tafel, hij heeft een lengte van 1.80 meter, de lengte van zijn haar valt op
Lernen beginnen
الطول: ما هو طول الطاولة؟ يبلغ طوله 1.80 متر، وطول شعره ملحوظ.
de lengte, de breedte, de hoogte
Lernen beginnen
الطول، والعرض، والارتفاع
lijken op (werkwoord+ voorzetsel): hij lijkt op zijn vader, zij lijkt op haar moeder
Lernen beginnen
يشبه (فعل + حرف جر): هو يشبه والده، هي تشبه والدتها
ongeduldig (bijvoeglijk): ik ben ongeduldig, hij werd ongeduldig tijdens het wachten kinderen zijn vaak ongeduldig
Lernen beginnen
غير صبور (صفة): أنا غير صبور، أصبح غير صبور أثناء الانتظار، والأطفال غالباً ما يكونون غير صبورين
het oog: ik zag het met mijn eigen ogen, hij heeft een blauwe ogen
Lernen beginnen
العين: رأيت ذلك بأم عيني، لديه عيون زرقاء
het oor: hij fluisterde iets in mijn oor, mijn oor doet pijn, ze heeft een grote oren
Lernen beginnen
الأذن: همس بشيء في أذني، أذني تؤلمني، لديها آذان كبيرة
steil (bijvoeglijk): zij heeft steil haar, een steil berg, de weg is erg steil
Lernen beginnen
شديد الانحدار (صفة): لديها شعر مستقيم، جبل شديد الانحدار، الطريق شديد الانحدار
tegenkomen (scheidbaar): ik kwam mijn oude leraar tegen
Lernen beginnen
أن يصادف (قابل للفصل): صادفت معلمي القديم
toevallig (bijwoord): ik zie hem toevallig in de supermarkt, ik zag hem toevallig in de supermarkt, ik heb hem toevallig in de supermarkt gezien
Lernen beginnen
صدفةً (ظرف): رأيته صدفةً في السوبر ماركت، رأيته صدفةً في السوبر ماركت، رأيته صدفةً في السوبر ماركت
het uiterlijk: zijn uiterlijk valt meteen op, zijn uiterlijk viel meteen op, zijn uiterlijk is meteen opgevallen
Lernen beginnen
المظهر: مظهره ملحوظ على الفور، تم ملاحظة مظهره على الفور، تم ملاحظة مظهره على الفور
verdrietig (bijvoeglijk): ik ben verdrietig, ik was verdrietig, ik ben verdrietig geweest
Lernen beginnen
حزين (صفة): أنا حزين، كنت حزيناً، لقد كنت حزيناً
vrolijk (bijvoeglijk): ik ben vrolijk, ik was vrolijk, ik ben vrolijk geweest
Lernen beginnen
مبتهج (صفة): أنا مبتهج، كنت مبتهجًا، لقد كنت مبتهجًا
zich schamen (werkwoord): ik schaam me voor mijn fout, ik schaamde me voor mijn fout, ik heb me voor mijn fout geschaamd
Lernen beginnen
يشعر بالخجل (فعل): أشعر بالخجل من خطئي، كنت أشعر بالخجل من خطئي، لقد شعرت بالخجل من خطئي
zulk(e): ik zie zulke dingen vaak, ik zag zulke dingen vroeger, ik heb zulke dingen vaker gezien
Lernen beginnen
مثل: أرى مثل هذه الأشياء كثيراً، رأيت مثل هذه الأشياء من قبل، لقد رأيت مثل هذه الأشياء أكثر من مرة

Sie müssen eingeloggt sein, um einen Kommentar zu schreiben.